Doorgaan naar hoofdcontent

Wat mooie wijze vrouwen over God en een positieve blik te zeggen hebben


Ik klikte weer eens op filmpje dat voorgesteld werd door mijn YouTube-pagina. Een interview over geloof en een positieve blik met Lillian Müller, ooit de grootste concurrent van Pamela Anderson, ook ooit de vriendin van Hugh Hefner en inmiddels gezondheidsgoeroe. Een onweerstaanbare combinatie.

Een interessant gesprek over de moderne, egoïstische levensstijl van concurreren en elkaar willen ondermijnen. Daar begint bovenstaand fragment (16:50, je kunt natuurlijk ook vanaf het begin kijken).

De dames kletsen gezellig maar diepgaand over de moderne levensstijl. We kiezen voor een materialistische kijk: rijk en beroemd worden vinden we het belangrijkste. We hebben het niet over morele standaard en waarden, maar we kiezen onze vrienden op basis van wat onszélf het beste uitkomt.

Deze zelfgerichtheid zien we ook in het new age-systeem: het draait allemaal om míjn meditatie waardoor ík me beter voel zodat ík succesvol kan zijn.

Ook veel christelijke groeperingen hebben die egocentrische levensstijl aangenomen. Daarom is er zo weinig spiritualiteit in de christelijke wereld, omdat ze meegaan in het postmodernisme: God zegen mij zodat ik gezegend ben, zodat ik rijk en gezegend ben, misschien ook mijn familie maar toch vooral míj.

Vanuit onze eigen onzekerheid, gaan we voortdurend de competitie aan met anderen en halen elkaar naar beneden. Er is volwassenheid voor nodig om dat los te laten en de ander juist op te bouwen in zijn of haar zelfvertrouwen. Liefde, elkaar bemoedigen.

Het gaat niet alleen om de uiterlijke waarden (roem, geld) maar juist om de innerlijke. En dat komt kortweg neer op: hoe heb je elkaar lief? Laten we goed zijn voor elkaar, dienend zijn.

Maar het woordje 'dienen' heeft een negatieve betekenis gekregen in onze hedendaagse westerse cultuur (21:10). Als je woorden als dienen of nederigheid gebruikt reageren mensen vaak geshockeerd. We houden van het woordje 'trots', dat mensen eigenlijk van ons wegduwt. Want hoe jij mensen benadert, zo zullen ze jou ook benaderen.

22:05 veel andere culturen waaronder de moslimcultuur houden het dienen nog wel in ere. Maar het staat zo toch ook in de Bijbel: als je goed doet, zul je goed ontvangen.

23:14 Wij vrouwen moeten elkaar sterker maken in plaats van elkaar beconcurreren en verzwakken.


Wijze woorden. Ik hoor ze niet voor het eerst, maar sommige dingen moeten groeien.

Reacties

  1. Mooi, mooi, mooi!
    En op je laatste zin terug te komen, ALLES WAT JE VOEDT, GROEIT!
    Zowel het slechte als het goede.
    Aan ons de keus.

    (You Tube filmpje niet gezien. Ik versta maar een paar woorden Engels)

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Laat hier je reactie achter

Populaire posts van deze blog

Waar een deur dichtgaat, gaat een raam open

Het is grappig hoe dingen kunnen gaan. Tenminste, als je er later de grap van inziet. Tegeltjeswijsheden zijn een soort kapstok waaraan je vanalles kunt ophangen. Maar het kunnen ook dooddoeners zijn. Zo is er deze 'wijsheid' die ik de laatste tijd vaak in de kerk heb gehoord: Als er een deur sluit in je leven, zet God vaak een raam open. 

Ik heb zelf geen hele diepe gevoelens bij deze tekst. Hij werd bij ons thuis niet gebezigd. Niet zeuren, wij doen niet aan dichte deuren, zou voor mijn ouders een toepasselijker spreuk geweest zijn. Toch kwamen, na dat open-deur-beleid van de jaren '70, bij hen óók diverse sloten, dievenklauwen en ander hang- en sluitwerk aan deuren én aan ramen.

Heel toepasselijk is in dit licht de enige tegeltjeswijsheid die wél daadwerkelijk bij ons op een tegel aan de muur hing:

De mens wikt, God beschikt.
Deze tegel hing er overigens niet om de spreuk, maar om het mooie tegeltje en ook een beetje om de ironie jegens de God waarin mijn ouders zeiden…

Kleding kopen met autisme

Er is een tijd geweest dat ik bergen schattige baby- en peuterkleertjes had. Die tijd is voorbij. Ergens tijdens de basisschooljaren kreeg zoonlief Bud zo langzaamaan een eigen mening over zijn kleding.

Het begon ermee dat Bud, al op jonge leeftijd, knoopjes ging haten. Hij wilde geen overhemden, en toen hij op een leeftijd kwam waarop broeken geen elastiek meer hebben, toen vonden we de oplossing door een stukje stof over de knoop te naaien. We...? Ik dus.

Vanaf een jaar of twaalf, dertien moesten de kleuren eraan geloven. Alles moest zwart zijn.

Jarenlang waren we bij H&M geslaagd: die hadden een model broek dat, in een steeds grotere maat, jaren meeging.. Het was geen spijkerbroek, geen joggingbroek maar een gewone bróék. Ze hadden hem in geel, rood, groen en blauw. Via grijs en bruin kwam de overgang naar zwart. Gelukkig hadden ze diezelfde broek óók in het zwart.

Totdat meneer mij voorbij streefde qua lengte. Maatje 176 werd te kort.

Daar kwamen wij achter in september, toen…