Doorgaan naar hoofdcontent

Halloween, Allerheiligen, Allerzielen. Wat vier jij?


'Mam, weet je waarom we met Halloween verkleed gaan als skeletten enzo?', zegt Bud tijdens het avondeten. Zonder op antwoord te wachten gaat hij verder: 'Vroeger geloofden de Kelten dat op 31 oktober met Halloween de doden als geesten terugkwamen. Daarom verkleedden de mensen zich ook net zo, want dan dachten de geesten dat zij óók geesten waren.' Hij had op school een filmpje gezien van de Red Sneep, of zoiets.

Ik denk een moment na: 'Het woord Halloween komt anders van... '

'De katholieken hebben Halloween afgepakt van de Kelten, net als alle andere feesten', onderbreekt Bud mij.

Daar weet ik even niets tegenin te brengen. Het was alsof hij al wist wat ik zou gaan zeggen, zo snel was hij. Halloween komt van 'All Hallows Eve' wilde ik zeggen, de vooravond van Allerheiligen. Dat vieren we op 1 november. Katholieken, dus.

'Ik weet wel hoe dat vroeger ging hoor, ze trokken rond om tegen de mensen te zeggen dat ze Christenen moesten worden. En ze namen oude gebruiken over, omdat de mensen zich anders niet wilden bekeren.'

Ook daar heb ik weinig tegenin te brengen.

Maar het punt is niet dat de Kelten hun Keltische gebruiken vieren, maar dat de moderne westerling die, graag van God en gebod los is, en meestal óók niet in voorouderverering geloofd, tóch iets wil vieren en dan maar willekeurig wat oude gebruiken van stal haalt. Christelijk dat willen we vaak niet meer, niet als gehele cultuur althans, maar wat oude heidense gebruiken, ach waarom ook niet. Goed voor de omzet van de feest- en snoepwinkels. Als die nog bestaan. En wát ze dan precies vieren, volgens mijn zoon dus het communiceren met de overleden geesten, dat boeit blijkbaar niemand 'want we geloven er toch niet in'. Kan me toch niet voorstellen dat het de bedoeling is dat we alle oude Keltische gebruiken nu in ere gaan herstellen. Kan me ook niet voorstellen dat de Kelten er nou trots op zouden zijn dat we één van hun gebruiken 'afpakken' terwijl we nauwelijks weten wat we aan het doen zijn. Integendeel.

Ik probeer me, heel katholiek, een compromis van een gezamenlijke viering voor te stellen. 'Met Pasen, als wij de opstanding van Christus vieren, dan vieren de joden de uittocht uit Egypte. Ze geloven niet dat Jezus de messias is, dus dat vieren ze natuurlijk ook niet. Ik kan best het joodse Pesach meevieren, maar dan denk ik ook aan 'mijn' Paasfeest.'

Ik weet niet of het een waterdichte redenering is. De vergelijking loopt ook spaak want we hebben het niet over Kelten die hun eigen feest vieren maar over een volk dat maar wat rommelt met zijn feesten (zal ik maar niet over Sinterklaas beginnen - onze 'knuffelheillige').

Het vieren van contact met de voorouders waarbij we ze op bovenstaande wijze ontmoeten is niet verenigbaar met het christelijke idee. Wij kunnen wel bidden tot onze overledenen. We kunnen ze vragen voor ons te bidden, net zoals we dat aan elkáár kunnen vragen. Maar dat gaat niet gepaard met een verkleedpartij of het beeld van 'in den lijve' contact hebben (al verkleden de kinderen in sommige katholieke families zich als Heiligen).

Ik hoop dat Bud woensdagavond meegaat naar de Allerheiligenviering (Allerzielen moet ik zingen dus dat gaat niet). Want in de kerk gebeurt ook van alles. Misschien niet zo visueel als de Kelten hun doden eer brachten, maar toch. Maar dan moet ik wel woensdag zijn kranten vouwen. Dan lukt het misschien.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Waar een deur dichtgaat, gaat een raam open

Het is grappig hoe dingen kunnen gaan. Tenminste, als je er later de grap van inziet. Tegeltjeswijsheden zijn een soort kapstok waaraan je vanalles kunt ophangen. Maar het kunnen ook dooddoeners zijn. Zo is er deze 'wijsheid' die ik de laatste tijd vaak in de kerk heb gehoord: Als er een deur sluit in je leven, zet God vaak een raam open. 

Ik heb zelf geen hele diepe gevoelens bij deze tekst. Hij werd bij ons thuis niet gebezigd. Niet zeuren, wij doen niet aan dichte deuren, zou voor mijn ouders een toepasselijker spreuk geweest zijn. Toch kwamen, na dat open-deur-beleid van de jaren '70, bij hen óók diverse sloten, dievenklauwen en ander hang- en sluitwerk aan deuren én aan ramen.

Heel toepasselijk is in dit licht de enige tegeltjeswijsheid die daadwerkelijk op een tegel bij ons hing:

De mens wikt, God beschikt.
Deze tegel hing er overigens niet om de spreuk, maar om het mooie tegeltje en ook een beetje om de ironie jegens de God waarin mijn ouders zeiden niet te geloven.

Koffie met koekjes

Eén keer per week is er hier doordeweeks een mis. Gewoon op woensdagochtend en daarna drinken we koffie. Nu zijn jullie natuurlijk hartstikke nieuwsgierig naar wat daar aan die koffietafel besproken wordt. Gaat het over de eerste lezing, het evangelie, de preek? Over de hostie die, onder invloed van de wijn, smelt op de tong? Of al 'weg' was vóór de wijn?

Of zijn zulke dingen onsprekelijk onbespreekbaar, onnoemelijk en onzegbaar?

Gaat het liever over de kwaliteit van de koffie, de aan- of juist de afwezigheid van de Mariakaakjes en de Jozefkoekjes?

Het gure novemberweer? De naderende Sinterklaas, alreeds voorafgegaan door Broeder Maarten en Aartsengel Michaël?

Inderdaad werd vanmorgen het hoe en waarom van de halve mantel die Sint Maarten weggaf besproken (hij gaf zijn eigen helft weg, de andere helft was eigendom van het leger, die kon hij dus niet weggeven). En dat er vele kindertjes langs de deuren zijn geweest terwijl er maar weinig kindertjes op vrijdag in de kerk naar h…